Dirk Braeckman .z.Z(t).(‘94-’01)

18.08 tot 18.11.2001

De zwart-wit foto's van Braeckman belichten verloren momenten en hoeken en onthullen de blinde vlekken van onze traditionele waarneming. De tentoonstelling brengt een selectie groot-formaat foto's van de laatste 6 jaar.

Dirk Braeckman (°1958, Eeklo) is zonder meer één van de vooraanstaande kunstfotografen in België. Na zijn studies aan de academie van Gent van 1977 tot 1981, heeft hij tot op vandaag een groot internationaal palmares aan tentoonstellingen en prijzen opgebouwd. Braeckmans vroege werk bestond vooral uit portretten van mensen uit zijn omgeving, vooral van vrouwen. Op een spontane ongeposeerde manier worden ze in beeld gebracht, maar altijd met de klemtoon op fragiliteit en alle mogelijke tekenen van leven en aan het leven gekluisterd zijn, 'abîmées par la vie'. Erotiek en 'tristesse d'être au monde' zijn nooit ver af. In zijn volgende werken worden de modellen steeds meer in de anonimiteit verhuld. Er hangt een fascinerende sfeer van ongrijpbaarheid en onbegrijpbaarheid, die eigenlijk ook al in de eerdere portretten present was, waar men als toeschouwer, behalve de naam van het model en de wetenschap dat zij daar was, niet veel verder komt. Stilaan komen ook voorwerpen op de voorgrond. Niet zozeer meer het model, maar banale dingen als ondergoed en naaldhakken trekken alle aandacht. En dan komt uiteindelijk, manifest na een verblijf in New York (1994), de omgeving, de ruimte zelf, naar voor. Braeckman ontwikkelt een subtiele vormentaal, spontaan en minimaal, die een slaapkamer, een douchecel, vergaderzaal enz. met betekenis laden, veelal bevreemdend en verontrustend. Verstild. 'Abîmées par la vie' opnieuw. Deze tentoonstelling brengt een selectie foto's van de laatste zes jaar. De werken kunnen beschouwd worden als 'portretten' van ruimten. Net zoals bij portretten van mensen - cfr. Braeckmans vroege werk - zeggen de foto\'s iets over henzelf en hun omgeving, zonder gewoon een spiegel te zijn of banaal te reproduceren. De foto's zijn zichzelf, ze zijn wat ze zijn, ze beelden niets af om af te beelden. Hoe er naar deze beelden gekeken moet worden, vult de kunstenaar niet in. Voor hem blijft de essentie de act van het fotograferen. Ook hier dragen de foto's zichzelf. Maar daar komt het net allemaal samen: de act gaat niet zonder de actor. Braeckman beschouwt zijn toestel als een uitloper van zijn lichaam, 'je photographie depuis mon corps'. De beelden zijn onmiskenbaar gekleurd door de waarneming en reflectie van Braeckman zelf. De zwart-wit foto's belichten verloren momenten en hoeken en onthullen de blinde vlekken van onze traditionele idee van waarnemen. Opnieuw is er geen sprake van iets botweg af te beelden. Hij heeft het ook over momenten van versmelten met zijn omgeving, 'ik kom in een 'state of mind' die me doet anticiperen op de omgevende ruimte, de noodzaak ontstaat om die dialoog met de realiteit vast te leggen'. Braeckman neemt nooit extreme standpunten in en werkt altijd zonder statief. De foto's worden genomen van waar hij staat of zit, zonder enscenering of rekening te houden met één of ander canon. Naast die grote betrokkenheid van de act speelt echter ook afstand een rol. Dit aspect kan heel goed geïllustreerd worden aan de hand van Braeckmans omgang met negatieven: 'Na de opnames bekijk ik dat negatief louter 'an sich', d.w.z. als formele en materiële drager van pixels. Dat houdt in dat ik volledig abstractie maak van de voorstelling, wat me in dit stadium ook toelaat reeds te zien of het beeld juist zit of niet'. Op die manier zijn fotografische parameters zoals licht, grijswaarden, scherpte en kadrering van bijzonder groot belang in de ondersteuning van het spontane beeld.

  Meer over Dirk Braeckman