.Coming People 2001

07.07 tot 19.08.2001

Anders dan de vorige edities, vond de tentoonstelling dit maal plaats in de zalen van het museum. Door publiek en pers werd de tentoonstelling - ondanks (of dankzij?) deze opstelling tussen de werken uit de museumcollectie - erg positief onthaald. Dit had natuurlijk alles te maken met de kwaliteit van de getoonde kunstwerken. Om de tentoonstelling samen te stellen werden alle richtingen in bovengenoemde scholen bezocht tijdens eindejaarsjury's of -tentoonstellingen. Dit gebeurde door de SMAK-medewerkers Rolf Quaghebeur en Eva Wittocx, alsook door Hans Martens, ex-SMAK maar nog steeds actief lid van de Raad van Beheer van het museum. Vanzelfsprekend werd ook overleg gepleegd met docenten en coördinatoren van de verschillende specifieke opleidingen. Opmerkelijk voor de meest recente editie van Coming People was de verscheidenheid aan ‘afstudeerrichtingen’ waaruit de geselecteerde kunstenaars voortkwamen. Meer nog dan voordien blijkt dat een opdeling of verzuiling tussen verschillende gerichte ateliers door de studenten als overbodig wordt ervaren, dat ze zich wars van categorieën, disciplines en materialen op een artistieke manier profileren. Nu is het aan de kunsthogescholen zelf om deze mentaliteitswijziging om te zetten in een nieuwe onderwijsvorm. Het academiejaar 2000-2001 was bijzonder vruchtbaar en beloftevol als we de resultaten van de jury’s en eindejaarstentoonstellingen bekijken.

De tentoonstelling Coming People is slechts een doorsnede waarbij dan ook even veel talentvolle jonge kunstenaars niet als wel geselecteerd zijn. Het is daarom passend om eerst iets over de niet-geselecteerden te schrijven - ook om aan te tonen dat Coming People geen orakel is, maar veeleer een indicatie. "Wel klaar maar nog lang niet af" is het schitterende motto van het atelier Mixed Media van Danny Matthys en Daniël Libbens (Academie). Het is een gedachte die past bij vele afstuderende kunstenaars. Ze heeft zeker betrekking op Gunther Moriau en Karel Vanrietvelde uit dit atelier, die werk presenteerden dat volop in ontwikkeling is, maar binnen de context van Coming People vermoedelijk niet tot haar recht zou komen. Hetzelfde kan gezegd worden voor diverse studenten uit de (schilder)ateliers van Willem Cole, Benoit Van Innis en Ronny Delrue (Sint-Lucas). Ook het werk van Eva De Leener, Karel Wouters (grafiek, Sint-Lucas), Lizzy Pauwels en Tom Van Belle (3D-multimedia, Academie) onderscheidde zich. We zijn ervan overtuigd dat deze jonge kunstenaars de potentie hebben om hun werk op een interessante manier te ontwikkelen. Eigenzinnige authenticiteit. Onder deze noemer zou de vijfde editie van Coming People kunnen doorgaan. Het is een kwaliteit die vaker van toepassing is op het werk van pas afgestudeerde kunstenaars. In hun werk treft men een unieke mengeling aan van een gezonde naïviteit met een zich schoorvoetend situeren in een kunstwereld die zowel referentiepunt als afstotingsblok is. Ieder jaar opnieuw kan je aan de polsslag van de jonge kunstenaars voelen wie in en out is, en welke tentoonstellingen (in het SMAK, MUHKA, PSK, ...) de laatste maanden door de studenten werden bezocht en gesmaakt.

Opmerkelijk is, naast de vanzelfsprekende invloed van docenten met een grote persoonlijkheid, de invloed van het werk van onder andere Berlinde De Bruyckere, Thierry De Cordier, Johan Tahon, Raoul De Keyser of Marlene Dumas; en van ‘klassiekers’ als Bruce Nauman en Donald Judd, of chaotische installatiebouwers als Jason Rhoades en Thomas Hirschhorn. Deze laatste kreeg van het kunstenaarscollectief HAP (3D-multimedia, Academie) in een ironische performance zelfs de eerste prijs in een populariteitspoll van hedendaagse kunstenaars. De gemediatiseerde kunstwereld en het op de korrel nemen van het kunstonderwijs is de grondstof bij uitstek voor HAP, dat in de Academie ondermeer een heuse auto achterliet in een lokaal waar hij nooit meer uit kan zonder gedemonteerd te worden. Krtistof Meers (beeldhouwkunst, Sint-Lucas) onderzocht via videowerk basisprincipes van sculpturaliteit. Hij vertrekt daarvoor vanuit het/zijn lichaam (handen, dijen, buik). Het levert sterke, sensuele beelden op. Ook Barbara Vackier (beeldhouwkunst, Academie) gebruikt video als een manier om na te denken over beeldhouwkundige referenten als massa, vorm, beweging, reflectie. Ze doet dat met een sterk geërotiseerde videoprojectie, die een geweldige visuele impact heeft. Sofie Albrecht (keramiek, Sint-Lucas) bouwt op een subtiele wijze haar eigen ABC van de beeldhouwkunst op. Minimale ingrepen op alledaagse voorwerpen genereren een maximale herdefiniëring van de ruimte waarin het werk gepresenteerd wordt. Michaël Aerts (glas, Sint-Lucas) daarentegen kiest voor het postmoderne wapen van de ironie en de pastiche. Op een verbeeldingsrijke wijze schenkt hij een tweede (en definitief) leven aan de vele in onbruik geraakte heiligenbeelden. Het werk van Philip Metten (3D-multimedia, Academie) vertrekt van ‘iconen’, herkenbare vormen als een snoepjesmuis, springkasteel of Nijntje. Geïnspireerd door de nieuwe technologie zoals genetische manipulatie draagt de muis een oor op zijn rug en is het kasteel gemaakt van ontplofte airbags. Het genereert een schijnbare speelsheid die echter geladen is met gif. De persoonlijke biografie (soms uitgebreid naar een individuele mythologie) is het uitgangspunt voor Tynni Oorlynck (grafiek, Sint-Lucas) en Andy Seynaeve (beeldhouwkunst, Academie). Een verblijf in Finland wordt in het werk van Tynni Oorlynck bevroren in een installatie met tientallen kleine tekeningen, knipsels en objecten waaruit op een treffende wijze de melancholie van het noorden spreekt. Een autobiografie met de kracht van de vereenzelviging. Wandelingen door de Pyreneeën, de Siera Nevada en andere onherbergzame plaatsen, waren dan weer de voedingsbodem voor de ‘broodlandschappen’ van Andy Seynaeve. De eerlijke broosheid van dit bijzondere materiaal transformeert de modellen tot metaforen van de wereld en het denken: ons dagelijks brood.

Deelnemende kunstenaars:
Michaël Aerts, Sofie Albrecht, Barbara Vackier, Andy Seynaeve, Tynni Oorlynck, Philip Metten, Kristof Meers